Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 
0 stemmen

Tussen de violen van de Gebr. Vis

Volgende Vorige Overzicht
Onderwerp: Zaadhandel 2 reacties Tell a friend 6308 Clicks Ongepast  
Gebroeders Vis - Handelsprijscourant van tuin-, bloem- en landbouwzaden, seizoen 1948/1949 +
Gebroeders Vis - Handelsprijscourant van tuin-, bloem- en landbouwzaden, seizoen 1948/1949

Tussen de violen van de Gebr. Vis

Joop van der Molen wordt in september 1920 geboren op de Wierdijk. In augustus 1934 als de zomervakantie begint zegt meester Kroese dat Joop niet meer terug hoeft te komen. Hij is dan al snel veertien en mag van school af. Dus die laatste paar weekjes na de vakantie maken ook niet meer uit.

Aan het werk
“Ik had een buurjongen, Henk, die wist hoe we geld konden verdienen. Zo gingen we naar de Gebroeders Vis. Dat zijn van die zaadlui, want hier zitten veel zaadfirma’s. De ene deed in groentezaad, die teelde wortelenzaad en uienzaad, maar bij die boer waar wij kwamen, deden ze in bloemenzaad.”

Gebr. Vis
“De directie van de Gebr. Vis bestond uit Baas Jan, die ging over de zaden, de grond, de verbouwing dus. Baas Jaap liep daar ook een beetje rond te spurten en die reed op een grote motorfiets, dat weet ik nog. En baas Douwe was zo’n beetje de directeur, die zat ook in de gemeenteraad. Ik wist helemaal niets van zaden af natuurlijk, maar wij gingen naar die vent daar in de streek, in Westeinde. Helemaal lopend vanaf de Wierdijk, want we hadden geen fiets.”

Liegen is een doodszonde
“Nou die baas Jan zat daar, en wij stonden met allemaal jongens achter elkaar, want we waren niet de enige. Je kon er namelijk een rijksdaalder verdienen, per week hoor. Nou komt het, Henk was voor me en die was op de gereformeerde school geweest. Die baas Jan vroeg aan hem hoe oud hij was. Nou veertien. En ik zei ook dat ik veertien was, dus ik zat al te liegen. En liegen is een doodszonde hé, bij dat soort mensen. Mijn buurjongen kreeg eerst een heel verhoor. Op welke school ben je geweest? De gereformeerde. Nou dat is wel goed, dan mag je wel komen. Dat weet ik nog goed dat hij dat zo zei: ‘dan mag jij wel komen’. Toen was ik aan de beurt. Wie ik was, waar ik geboren was en naar welke school ik was geweest. Ik zei ook op de gereformeerde, maar dat was helemaal niet zo. Ik had op de Timotheusschool gezeten. Die was hervormd. Ik zei dat, omdat ik bang was om die knaak mis te lopen natuurlijk.”

Van 7 tot 6 tussen de viooltjes
“Zo gezegd, zo gedaan. Hij schreef het allemaal keurig op. We waren aangenomen, nou ja, je werd niet aangenomen. Het zou ongeveer tot oktober duren. We gingen die maandag naar de Wierengastraat, waar nu de nieuwbouw is, dat was een heel eind weg. Daar stonden de viooltjes, en dat zijn natuurlijk hele lage plantjes, als die blaadjes uitvallen, komen er zaadknobbeltje te voorschijn. Die moest je eraf drukken en je had een zak op je buik waar je de zaadjes in moest doen. Dat deden we dan van zeven tot zes, op onze knietjes. Met een hele groep jongens, een man of tien. Eentje daarvan was de baas, dat was een oudere jongen. Ook niet zo oud hoor, maar die moest het zootje een beetje in orde zien te houden. Dat ging de ene dag wel, de andere dag niet.”

Op het matje bij baas Jaap

Toen we al een maand verder waren, of twee, werd er op een middag geroepen ‘Joop van der Molen, je moet bij baas Jaap komen’. Nou dat was wat, toen die tijd keek je ontzettend tegen die lui op. Dus ik naar die vent toe. Daar stond baas Jaap helemaal in volle glorie, mooie hoed op, zijn motorfiets een stuk verderop. Daar was je al geïmponeerd door, een stoomfiets noemde we dat ding altijd. Sta je daar als jochie van 14 jaar, ik vergeet nooit wat hij toen zei.

Mag jij jokken? Nee meneer, ik mag niet jokken. En waarom jok je dan? Ik jok niet meneer. Ja jij hebt gejokt, weet je dat niet meer? Je hebt gezegd dat je op de Raamstraatschool geweest bent. En jij bent helemaal niet op de Raamstaatsschool geweest! Jij bent op de Timotheusschool geweest. Ja meneer. Je mag niet jokken. Want daar houden we hier niet van.

Grote kerels die vogelen
“Ik mocht dan blijven, maar kun je nagaan dat ze al die jongens die daar waren na hebben zitten pluizen. De meeste jongens waren gereformeerd en kwamen echt van de Raamstraatschool. Grote kerels met grote hoeden op, en een grote stoomfiets., hebben uit zitten vogelen of iedereen wel de waarheid sprak. Zo ging dat toen, voor een knaak in de week.”


Carina Jonker

Met dank aan de heer Van der Molen
Om op artikelen te kunnen reageren moet je als lid ingelogd zijn.
Als je al lid bent kunt hier inloggen of klik hier om een lidmaatschap aan te vragen.
Commentaar op dit artikel:
2 reacties op dit artikel
  • Re: Tussen de violen van de Gebr. Vis
    Gepost door Douwe Vis, op 11/2/11
    Ja zo ging dat toen. En als kleinzoon van Douwe Vis weet ik echt hoe het er aan toe ging. Heb ook jaren lang violen geplukt. Welliswaar in mijn schoolvakanties maar toch! Carina als je mij een PDF scan van deze prachtige voorpagina kan bezorgen zou ik erg dankbaar zijn. Gr. Douwe Vis

  • Re: Tussen de violen van de Gebr. Vis
    Gepost door Willem Dral, op 1/6/17
    Ik zou graag in contact komen met de gene die ook gereageerd heeft op dit artiekel ,namelijk Douwe Vis weet niet met welke Douwe ik dan te maken krijg maar ga er van uit de Douwe waar ik mee op school gezeten heb. Vriendelijke groeten Willem Dral

Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube