Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 
0 stemmen

Spoken langs de muur

Volgende Vorige Overzicht
Avatar van op 3/9/10 door Marinus Schoen
Onderwerp: Anekdotes 1 reactie Tell a friend 2362 Clicks Ongepast  
Stadswalmuur in Enkhuizen. Foto: M. Schoen, aug. 2010. +
Stadswalmuur in Enkhuizen. Foto: M. Schoen, aug. 2010.

Spoken langs de muur

 

Het spookte langs de muur
Omstreeks de tijd tien uur
Daar kwam een gedaante aan
Toen zijn ze op de vlucht gegaan
Marie, Marie, Marie en Johnnie,
en zo voort…


Deze regels zong mijn moeder af en toe tijdens de afwas op de wijs van een bekend liedje. Naar ik begreep ging het over een stelletje dat in het donker op een bankje zat in het Wilhelminaplantsoen en toen werd lastig gevallen door een mede- of ex-minnaar van deze Marie. Dat kan wel al voor de oorlog zijn geweest, het juiste verhaal is mij nooit gebleken.

Afwas
Voor de afwas thuis werd eerst een ketel water op het gas gezet en het later kokende water in een kom gegoten die in de gootsteen stond. Afwasmiddel hadden we niet begin jaren vijftig, met restjes huishoudzeep in een zeepklopper werden zeepschuimbelletjes geklopt in het water. Koud water uit de kraan toegevoegd tot water van een handzame temperatuur, want de handen verdwenen telkens in het afwaswater. Omdat het gezin van mijn ouders buiten hen zelf uit vijf jongens bestond moesten mijn broertje en ik met een theedoek af en toe de hele boel afdrogen ondertussen luisterend naar het gezang van moeder. Ook het repertoire van de Zangeres zonder Naam kwam vaak voorbij en bijvoorbeeld het lied ‘Jantje z’n vader was Zeeman’ ken ik daardoor nóg uit mijn hoofd.

Opoe
Op zondagochtend poetste vader eerst allemaal onze schoenen. Mijn jongere broer en ik liepen daarna dan (verplicht) naar onze opoe die in Broekerhaven woonde, ongeveer drie kilometer heen en drie kilometer terug. Deze keer op onze nieuwe schoenen en in die ‘arme’ tijd waren dat al dure Ford merkschoenen, gekocht bij Keesman in de Westerstraat. Die Ford schoenen waren wel niet zo modieus, maar ze gingen lange tijd mee, hoopten ze.

Onderweg naar Broekerhaven klommen we eerst op het dak van de papierfabriek van Van der Spruyt aan de Paktuinen om er langs de regenpijp weer vanaf te roetsjen. Eén van de Fordschoenen van mijn broertje bleef met de neus in een ijzeren punt van het hek hangen. Halve neus eraf. Naar opoe durfden we niet meer en thuis komen al helemaal niet. Mijn vader was heel handig, had zelfs een leest waarop hij zolen en hakken van onze schoenen ’verzoolde’. Maar bij deze schoen moest een nieuwe neus worden opgenaaid en bij ons waarschijnlijk nieuwe oren. De schoenmaker liet het gelukkig ‘in de garantie vallen’, daardoor kregen mijn broertje en ik alleen ‘gloeiende’ oren.

Brand
Zondagmiddag gingen we vaak (verplicht) met het gezin uit wandelen en op een keer toen we de Spoorstraat weer naderden was daar grote consternatie. ‘Brand, brand, hoorden we en hoopten maar dat het niet bij ons was. Precies aan de overkant van waar wij woonden stond het woonhuis van de familie Edelenbosch (Karel) in brand. Gelukkig geen slachtoffers, maar wel materiële schade, de familie moest daardoor verhuizen en ging naar de Brugstraat.

Nadat het verbrande huis weer was opgeknapt werd er de touwhandel van Jan Goos in gevestigd (de Jan Gooskaai in de Gommerswijk is naar hem vernoemd). Jan Pen nam de touwhandel na het overlijden van Jan Goos over en hij ging later met zijn zaak naar de Havenweg in het pand waar boven mevr. Koopen (Kaatje) woonde. Als wij bij haar aanbelden trok ze boven aan een touw de deur open en zongen wij beneden in koor een schunnig liedje, niet eens wetende wat we precies zongen, maar woest stond ze dan bovenaan de trap met haar stok te zwaaien. Liedje leerden we van de grotere jongens, schorem van ’t Suud, toch?

Lamp
Wie ook boven een zaak woonde was de weduwe van Jan Goos. Zij woonde boven de groentezaak van Dirk Mazereeuw op de hoek Spoorstraat/Havenweg (nu het Kleine Café). Zij was een aardige buurvrouw bij wie ik, als ik daar aanbelde wel eens boven mocht komen en liet ze mij met een verrekijker over het IJsselmeer kijken. In haar woonkamer hing aan het plafond een lamp gemaakt van het stuurwiel van een schip waarmee haar man voorheen over de Zuiderzee voer. Die lamp, vertelde ze toen, zou ze bij haar overlijden schenken aan het Zuiderzeemuseum. Of dat ook is gebeurd, weet ik niet.

Om op artikelen te kunnen reageren moet je als lid ingelogd zijn.
Als je al lid bent kunt hier inloggen of klik hier om een lidmaatschap aan te vragen.
Commentaar op dit artikel:
1 reactie op dit artikel
  • Re: Spoken langs de muur
    Gepost door pieter simon groot, op 13/1/11
    Dat fraaie verhaal komt in het Henkuzers voor in het boek "Bij ons in Henkuzen...!"van Gerhard Stavenuiter. (De toeter dus) Het staat op blz.89t/m91 onder het hoofdstuk Geeste en spoke in arte en uuze.

Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube