Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.      Sluiten
 
0 stemmen

Vakantiewerk

Volgende Vorige Overzicht
Avatar van op 3/10/10 door Marinus Schoen
Onderwerp: Anekdotes 1 reactie Tell a friend 3061 Clicks Ongepast  
Huis in Oosterdijk waar bessentuin naast was in de jaren '50. Foto: M. Schoen, okt. 2010 +
Huis in Oosterdijk waar bessentuin naast was in de jaren '50. Foto: M. Schoen, okt. 2010

Vakantiewerk

Piepers Zoeken
Vlak voor de grote vakantie van 1956 vroeg Piet Geerling (tweelingbroer van Teun) en klasgenoten van mij op de ULO aan de Kuipersdijk, of ik mee ging ‘te piepers zoeken’ in die vakantie. Piet en Teun’s ouders hadden een rijwielzaak op de hoek van de Broekerhavenweg (’t Padje) en de Streekweg (tegenover Het Roode Hert, pand is nu verdwenen). Ik was toen ruim dertien jaar oud en vond dat wel een goed idee.

‘s Morgens om vijf uur op en met Hennie van Dok die ook op de ULO zat en mee ging rapen, fietsten we naar Bovenkarspel waar Piet Geerling ons opwachtte samen met Albert Winter. Met zijn vieren fietsten we naar Hoogkarspel waar we bij Wabe Schaper op de Wijzend achter zijn huis ’s morgens om zes uur de piepers begonnen te rapen. Met een lichter ging Wabe onder de aardappelplanten door en wij op onze knieën gelegen, trokken de plant met de hand om de stoel uit de modder en schudden de piepers van de wortels. Naast je trok je aan beide kanten een aardappelkist mee, met op de ene kist een maatvormpje waar, als de pieper daar doorheen kon, in die kist moest en de grotere aardappel in de andere kist. Het sorteren tijdens het rapen ging na enige tijd als vanzelf en maakte de maatvorm verder overbodig. Nadat we de bouw achter Wabe zijn huis hadden leeg geraapt moesten we ons verzamelen bij de Watertoren van Hoogkarspel en gingen vandaar uit met ‘de skuut’ om de Noord naar een ander stuk land van Wabe, om ook daar de piepers uit de grond te halen. Na elf dagen ‘piepers zoeken’ bracht de vader van Hennie (die toen op de Pijp woonde in dat grote witte huis, waar later jarenlang een Reisbureau in was) ons met de auto op zaterdagmiddag naar Hoogkarspel, waar we werden uitbetaald in de huiskamer van Wabe. Ik had 78 gulden verdiend, dat was helemaal niet zo gek voor een ruim dertienjarige in die tijd.

Bessenplukken
De volgende zomer in de grote vakantie gingen we met buurtkinderen van de Breedstraat en nog een paar vrienden bessenplukken in Andijk. Het was niet echt in Andijk, maar aan de Oosterdijk bij een boer die de bessentuin opzij van zijn huis had. Het huis staat er nog maar de bessentuin is weg, voor aan de weg is er nu een kinderboerderijtje of zoiets. Ook is het huis aangebouwd en witgepleisterd wat toen niet zo was. Op een krukje gezeten met je gezicht in de bessenstruiken ritste je de zwarte bessentrossen in een pan die je tussen de knieën klemde en een volle pan leegde je in een kistje. Dat kistje werd gewogen en daarna kreeg je een label met een bepaalde letter er op van de boer. Die labels leverde je ’s avond in en naar gelang het aantal dat je had verzameld werd je uitbetaald.

Af en toe riepen we in de tuin naar elkaar hoe of het ging en of er bij de ander veel of weinig bessen aan de struik zaten. ‘Hoeveel heb jij al Cor’, riepen we bijvoorbeeld naar hem. ‘Een kilootje of vier, pondje of vijf’, riep Cor terug en we rolden zowat de struiken in van het lachen. Cor was een broer van Nel Zwier, de hoogspringende Enkhuizer deelneemster aan de Olympische spelen van Rome in 1960. Hij was bevriend met ons, maar ook de liefde dreef hem naar de Breedstraat voor een bepaald meisje en zodoende zaten we met zijn allen in die bessentuin. Er waren kinderen bij die meer mee hadden aan brood, drinken en snoep dan dat ze op een dag verdienden, maar ze waren mooi van de vloer, redeneerden de ouders.

Missprong
Ook deze tuin was op een gegeven moment leeggeplukt en we zouden met dezelfde boer in een ‘skuut’ door de polder naar een andere bessentuin van hem. De boer en de meeste jongelui zaten in de schuit die al af dreef toen ik me op een paaltje aan de walkant afzette voor een sprong in die schuit. Dat paaltje brak en ik klapte voorover met mijn middel op de ijzeren zijkant van de schuit en hing half in het water. Grote hilariteit vanzelf en ik verbeet de pijn. Halfnat in de bessentuin gekomen bood een jongen van Valentijn (hij woonde toen bij de Speeltuin) mij aan om zijn overal aan te trekken en mijn kleren te drogen te hangen. Ik had een behoorlijke schaafwond maar kon vanwege de geïsoleerde ligging van de bessentuin daar niet weg. Het was veel te ver terugvaren voor mij alleen, dat deed de boer niet en de verkaveling was er nog niet. Met een beetje margarine van mijn brood smeerde ik de schaafwond in, dat verzachtte de pijn en ben gaan bessenplukken. Geld verzoet de arbeid (en verbijt de pijn), nietwaar?

Zwemmen
Na een aantal dagen toen ook die tuin was leeggeplukt zijn we naar Venhuizen gefietst om daar op de bonnefooi bij een boer te vragen of we bij hem bessen konden plukken. Dat kon, maar omdat we met zoveel jongelui waren en er al dagenlang in die tuin was geplukt kwam die tuin in de middag al leeg. Op de terugweg zijn we op het Venhuizer strandje blijven ‘hangen’ en in onze hemd en onderbroek gaan zwemmen. Hadden we toch nog een beetje vakantie!
Om op artikelen te kunnen reageren moet je als lid ingelogd zijn.
Als je al lid bent kunt hier inloggen of klik hier om een lidmaatschap aan te vragen.
Commentaar op dit artikel:
1 reactie op dit artikel
  • Re: Vakantiewerk
    Gepost door Akkie Laan-Visser, op 2/11/10
    Ja ik was een van die meisjes die mee naar Andijk ging te bessen plukken, wat hebben we wel gelachen he? en wat waren we blij met die weinige guldens die we verdienden. Ik weet me nog te herrinneren dat ik een lapje stof gekocht heb van het verdiende geld ,en daar zelf een jurk van gemaakt heb,mooie tijden. Akkie Laan- Visser

Volg ons via RSS
Volg ons op Twitter
Volg ons op Facebook
Volg ons op Youtube